Een icoon is een gelijkenis, namelijk een religieus-christelijke afbeelding van een heilige. Het woord “icoon” is afgeleid van het Griekse woord “Eikon”, dat afbeelding, beeld en portret betekent. Een icoon is een gelijkenis, een religieus-christelijke afbeelding; op een icoon komen kunst en religie samen.
Een icoon is meer dan een schilderij en vraagt om meer aandacht. De icoon wordt gezien als een venster, waarbij door de opening een verhaal verschijnt in kleuren, lijnen en symbolen. Zo wordt kijken zien en daarna is het verhaal te lezen. Een icoon wordt dus in feite geschreven en het beeld begint te spreken en vertellen. Dor het verhaal toont een icoon schoonheid met zeggingskracht.
Kenmerkend voor een geschilderde icoon is dat deze is gemaakt op een houten paneel. Eerst wordt een witte onderlaag (lefkas) aangebracht op het hout. Hierop komt de verf (eitempera, gemengd met kleurpigmenten en eierdooier). Oude iconen laten “craquelures” zien. Dit zijn rimpels of scheurtjes veroorzaakt door krimp van geharde of gedroogde verf.
Sinds de 14e eeuw komt het voor dat op hout gemaakte iconen met metalen bedekkingen zijn versierd. Dit is de oudste vorm van bedekken en wordt “”basma” genoemd. Ook kunnen op iconen metalen plaatjes worden aangebracht. Aan het eind van de 17e eeuw wordt “oklad” of “riza” gebruikt. Deze vorm bedekt met metaal de achtergrond, rand en/of een deel van de afgebeelde heilige. In de 19e eeuw worden metalen versieringen groter en kleurrijker. Ook worden de patronen minder eenvoudig. Het is ook mogelijk dat de versiering met email en siersteentjes plaatsvindt. De bedekking van een icoon kan komen uit dankbaarheid aan de afgebeelde heilige.
In de loop van de tijd zijn vele heiligen afgebeeld door iconen. Echter, buiten Onze-Lieve-Vrouw, is de heilige Nicolaas de meest vereeuwigde heilige in de oosterse kerken. Van de heilige Nicolaas zijn dan ook ontelbare iconen gemaakt en vaak is hij afgebeeld als een Griekse bisschop of kerkvader.
Nicolaas komt veelvuldig voor op een iconostase (iconenwand) in de oosterse kerken. Dit komt door zijn belangrijkheid in de gehele oosterse kerk en specifieke in Rusland.
Vanaf de 12e eeuw zijn er van Nicolaas vele iconografische afbeeldingen gemaakt. In deze tijd is de afbeelding van Nicolaas volgroeid en is er in de kunst eenstemmigheid over. Hij wordt weergegeven door een ascetische (sober levende, strenge en vrome christen), geïdealiseerde figuur. Deze weergave is dan bindend voor de Griekse en Russische schilderkunst van iconen.

Kenmerkende facetten van Nicolaas-iconen zijn met name het hoge voorhoofd met diepe rimpels en twee knobbels, de doordringende ogen, streng gezicht, ingevallen wangen, bruin of wit hoofdhaar in een smalle ronde en veelal een witte, ronde, niet al te lange baard. Hij draagt een omoforion; een brede stola met drie kruisen, hetgeen gebruikelijk is voor hoge priesters in de oosterse kerk. Hij heeft een polystaurion (poly=veel, staurion=kruis) aan; dit is een breed kazuifel met kruisen, gedragen door een bisschop in de oosterse kerk.
Nicolaas wordt vaak afgebeeld als een grijsharige, wat kalende man van middelbare leeftijd. Hij heeft knobbels op het voorhoofd, die kennis en wijsheid aangeven. Opvallend is dat Nicolaas op de iconen geen mijter draagt. De reden is dat zo’n waardig hoofddeksel in de voormalig christelijke tijd niet werd gebruikt. Vaak houdt de heilige Nicolaas met de rechterhand twee vingers omhoog. Dit is het zegende teken van het God-menszijn van Jezus Christus. De andere drie vingers komen in één punt bijeen en symboliseren God de Vader, zijn Zoon Jezus en de Heilige Geest; de Heilige Drievuldigheid. In de linkerhand houdt de Heilige Nicolaas meermaals het, al dan niet open, evangelieboek vast. Op oude Nicolaasiconen is het evangelieboek dicht. De open evangelieboeken laten steeds een variërende tekst zien. Op veel iconen wordt de Heilige Nicolaas niet geheel weergegeven, maar enkel de bovenste helft van het lichaam. Een icoon, waarop de Heilige Nicolaas van top tot teen is afgebeeld, wordt een kerkicoon genoemd. Kleinere iconen zijn vaak voor huiselijk gebruik.
Op zeer veel iconen van Nicolaas zijn in de linkerbovenhoek Christus en in de rechterbovenhoek Maria afgebeeld. Christus heeft het evangelieboek in de hand en zegent met de andere hand. Op de handen van Maria ligt een groot omoforion, als symbool van het zijn van bisschop.
In Oosterse kerken worden iconen, waaronder Nicolaasafbeeldingen, herhaaldelijk bewierookt. Hierdoor wordt de icoon vereerd en bidden gelovigen tot de voorgestelde heilige.

De meest bekende, typerende iconen zijn:
-Nicolaas de Wonderdoener
-Nicolaas van Zarajsk
-Nicolaas van Mozajsk
-portreticonen
-vita-iconen
-processie-iconen
-metaaliconen
NICOLAAS DE WONDERDOENER
De Heilige Nicolaas heeft heel veel wonderen verricht tijdens en na zijn leven op aarde. Hij wordt dan afgebeeld met het bovenste deel van het lichaam. De geheven rechterhand geeft een zegengebaar en in de linker heeft hij een gesloten of open evangelieboek vast. Nicolaas draagt een bisschopsgewaad en over de schouders heeft hij een stola met drie kruisen, die verwijzen naar de triniteit; de Drievuldigheid van God de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Op deze iconen reiken Christus en Maria de bisschoppelijke waardigheden aan, namelijk evangelieboek door Christus en stola door Onze-Lieve-Vrouw. De stola wordt genoemd omophorion, die bisschoppen van de orthodoxe kerk dragen. Dit naar aanleiding van het tumult tussen Nicolaas en Arius op het concilie van Nicea in 325, waar Nicolaas een flinke klap heeft gegeven aan Arius en daardoor in de gevangenis belandt en hem de bisschoppelijke waardigheden worden ontnomen. Christus en Maria herstellen dit.
Veel iconen van Nicolaas als Wonderdoener dateren uit de 15e, 16e, 17e, 18e en 19e eeuw. Menige icoon heeft een “oklad”, dit is een oplegger, waarvan de nimbus is versierd. Dit is een cirkelvormige schijf die achter het hoofd is geplaatst als een stralenkroon. Soms draagt Nicolaas een Mitra; een bisschoppelijk hoofddeksel.

NICOLAAS VAN ZARAJSK
De Heilige Nicolaas wordt staande, frontaal afgebeeld met bisschopsmantel aan en stola om. Nicolaas houdt de armen opgeheven en gespreid en hij maakt met de rechterhand een zegengebaar. Dit wordt een Byzantijnse houding genoemd. Vaak zijn Christus met evangelieboek en Onze-Lieve-Vrouw met stola (omophorion) aan weerszijden afgebeeld.
NICOLAAS VAN MOZAJSK
Op de iconen van Nicolaas van Mozajsk is Nicolaas staande en frontaal afgebeeld met bisschopsmantel aan en stola om. Nicolaas houdt de armen wijduit. In de rechterhand heeft hij een zwaard omhoog gericht. In de linkerhand houdt hij de afbeelding van een stad, kerk of kremlin, dat als paleis wordt gezien en door Nicolaas wordt beschermd. Het zwaard is het symbool van het verdrijven van de Tartaren in 1380 uit de streek van Mozajsk.
PORTRETICONEN
Bij een portreticoon van de Heilige Nicolaas zijn het hoofd en een klein, ander deel van het bovenlichaam zichtbaar. Nicolaas wordt op karakteristieke wijze afgebeeld met een hoog voorhoofd als teken van wijsheid. Het haar van de heilige is vrij kort en de baard is rond en vol. Een portreticoon is voorbehouden aan belangrijke heiligen, omdat deze iconografie (beeldweergave) heel dichtbij de wijze van afbeelding van Christus staat.
VITA-ICONEN
Het Latijnse woord “vita” betekent “leven”. Een vita-icoon beeldt fasen uit het leven van een heilige uit. Nicolaas staat op een vita-icoon als centrale heilige afgebeeld en rondom hem zijn ontwikkelingen uit het leven weergegeven. Een vita-icoon heeft een vaste volgorde om weer te geven. De afbeeldingen worden gezien van links naar rechts en beginnen linksboven.

Veel voorkomende afbeeldingen op vita-iconen van Nicolaas zijn de geboorte, de wijding, een of meer verschijningen, drie onschuldige gevangenen, goudstukken voor drie jonge vrouwen, het redden van zeelieden en de dood.
PROCESSIE-ICONEN
Het bijzondere van processie-iconen is dat deze zowel aan de voorzijde als aan de achterkant zijn beschilderd. Deze iconen worden vaak meegedragen in processies of ommegangen op feestdagen. In het verleden zijn ook processie-iconen gebruikt om een vijand te verdrijven. Processie-iconen geven veelal de Heilige Nicolaas, als de wonderdoener, en de Moeder Gods.
In de orthodoxe kerk worden processie-iconen bewaard achter de iconostase, de beeldenwand, tussen altaar en schip van de kerk.
METAALICONEN
Sinds het begin van de jaartelling komen iconen van metaal voor. Deze iconen hebben een laag van goud, zilver of koper en zijn uit brons of messing (metaalmengsel) gegoten. Vaak is op een metaalicoon email aangebracht om de afbeelding te verlevendigen. De grootte van een metaalicoon varieert van heel klein, namelijk enkele centimeters, tot een veelvoud hiervan. Er zijn ook metaaliconen, die de vorm hebben van een tweeluik (diptiek) of drieluik (triptiek).
Metaaliconen zijn er op grote schaal gemaakt, omdat deze voor een grotere groep meer betaalbaar zijn in vergelijking met de duurdere, geschilderde iconen.
~~~